Kleuren, knutselen, spelletjes alles voor kinderen en ouders
Dutch English French German Italian Portuguese Spanish Swedish Turkish

SpeelZolder

advertentie

Nieuw op SpeelZolder

Socialmedia

Hyves Facebook Twitter SpeelZolder op - Hyves - Facebook en Twitter

Wie is er op de site?

We have 125 guests and no members online

User Rating:  / 1
PoorBest 

Olivier en de Paashaas

Paashaas in eiOlivier is al een paar dagen druk op school bezig voor Pasen. Er staan bij binnenkomst op school, in een warme glazen bak, kuikentjes. Zo kunnen de kinderen zien hoe de groei is van een kuikentje en hoe ze verzorgt moeten worden. Elke morgen komt een meneer, in de pauze, ze eten geven en de kinderen mogen dan helpen. Die morgen komt de meneer ook: ”Wie heeft er zin om mij vanmorgen te helpen met het hokje te verschonen?” vraagt hij. Er steken een aantal kinderen hun vinger op en uiteindelijk mogen Olivier en Dagmar hem helpen.

“Jullie mogen me helpen om de zak open te houden, zo kan al het vuil wat onder in de bak ligt eruit geschept worden. Dat is niet goed voor de kuikens”, vertelt de meneer. Olivier en Dagmar proberen overal mee te helpen. De kuikens zitten na een half uurtje weer in een schone bak en onder de warme lamp. De warme lamp zorgt ervoor dat de kuikens groot worden zonder hun moeder. “Mag ik misschien een kuikentje beet houden?” vraagt Dagmar. “Eigenlijk kan dat niet”, begint de meneer te vertellen. “Het is de bedoeling dat de kuikens mensen niet leuk vinden”. “En waarom dan niet?” vraagt Olivier. “Kuikens moeten eieren gaan leggen”, legt de meneer uit. “Dus als we nu wel een kuiken beet houden en hij vindt me lief, dan hoeft hij geen ei te leggen?” vraagt Dagmar. De meneer snapt best wel, dat Dagmar en Olivier graag een kuiken beet houden en probeert uit te leggen:”Alle kuikens worden kippen. Kippen leggen dan een ei. Lust je een ei?” vraagt de meneer tussendoor. Zowel Olivier als Dagmar lusten eieren. “Oké als je dan alle kuikens beet gaat houden leggen ze geen eieren meer. En kunnen we geen ei meer eten”, is de verdere uitleg van de meneer. “Dat geeft niet, eten we wel weer wat anders. Een balletje gehakt of vis”, zegt Olivier. De meneer vindt het heel erg jammer maar toch kunnen Olivier en Dagmar geen kuiken beet houden. “Ik weet wat”, zegt de meneer, “Jullie mogen er wel een paar aaien”. Dat vinden ze ook niet erg. De meneer doet de bak open en ze proberen een paar kuikens te aaien.

De kuikens vinden het een beetje raar om geaaid te worden en proberen weg te lopen. Gelukkig kunnen ze toch één kuikentje aaien.  Als de bel gaat is het tijd om weer naar huis te gaan. De les van het laatste uurtje hebben Dagmar en Olivier niet gedaan, maar volgens de juf hebben ze een gymles gehad en dat geeft dan niet. Olivier vertelt het hele verhaal aan mama. Dat je kuikens niet beet mag houden omdat er anders geen eieren meer komen, omdat ze je aardig vinden. Mama is het helemaal eens met de meneer.

De volgende dag wordt er op school kuikens van papier gemaakt. De juf heeft een kuiken getekend op het bord. Ze heeft een paar voorbeelden gemaakt en de kinderen moeten die na maken. Als je hem goed hebt getekend kan je hem uitknippen en er ogen op tekenen. Voor de pauze is het hele lokaal omgetoverd tot kippenhok. “Juf”, roept Olivier, “we zijn nu niet meer groep 3, maar het kippenhok”. De juf moet lachen om het grapje van Olivier maar hij heeft wel gelijk. Als je het lokaal rond kijken zie je alleen maar kuikens. In de lucht, op de deur en de ramen hangen ook vol. Het ziet er wel heel gezellig uit. Na de pauze wil de juf de kinderen iets vertellen: ”Ik heb net van de directeur gehoord dat we een brief hebben gekregen. Zal ik hem aan jullie voorlezen”. De kinderen zitten allemaal voor de juf op de grond en zijn heel erg benieuwd. Ze vouwt de brief open en begint voor te lezen:

Hallo jongens en meisjes,

Het is al snel Pasen en ik kom bij jullie op school. Is jullie lokaal al mooi versierd en hebben jullie ook eieren klaar liggen? Ik kom bij jullie in het lokaal en ga kijken wie het mooiste lokaal op school heeft. Wie de allermooiste heeft krijgt van mij een verrassing.
Tot snel

De Paashaas

De kinderen zitten nog stil voor de juf tot de juf een vraagt stelt: “Hebben wij een mooi versiert lokaal?”. De kinderen kijken rond en voor de pauze zeiden ze juist dat het lokaal zo mooi was dus dat is goed. “De volgende vraag uit de brief is of we eieren hebben?” vraagt de juf. “Die hebben we helemaal niet”, roept een jongentje. “Hoe komen we dan aan eieren?” vraagt een meisje. “Ik weet het”, roept Olivier, “vanmorgen vertelde de meneer dat kuikens, kippen worden en dan eieren leggen. Als we even wachten, zijn onze kuikens groot genoeg, dan hebben we eieren”. “Maar zo lang kunnen we niet wachten. Over twee dagen komt de Paashaas al”, verteld de juf. De kinderen kijken elkaar aan maar weten geen oplossing.
“We kunnen allemaal een ei van thuis meenemen”, zegt Dagmar. De juf kijkt Dagmar aan en vind dat een goed idee. De volgende morgen komt iedereen met een ei aan. Gelukkig zijn het allemaal dezelfde eieren. De juf kookt de eieren en als ze afgekoeld zijn komt de verf op tafel. Iedereen mag een ei verven. “Wanneer mogen we dit ei opeten?” vraagt een jongen uit de klas. “Als de Paashaas is geweest. Als we ze nu al op gaan eten denkt hij dat we geen eieren in de klas hebben gehad”, antwoord de juf. De kinderen leggen hun ei in een mandje die de juf klaar heeft gezet.

De volgende dag zitten de kinderen in de klas te luisteren naar een verhaal van de Paashaas die geen eieren kon vinden, als er op een raam wordt geklopt. De kinderen kijken om maar zien niemand staan.”Wie was dat?”, vraagt Olivier aan de juf. “Ik weet het niet. Ik heb niemand gezien”, antwoord de juf. De juf gaat dan maar verder met lezen als er even later weer op het raam wordt geklopt. Maar weer is er niemand te zien. “Weet je wat we gaan doen. We trekken onze jas wel aan en gaan buiten kijken”, zegt de juf. De kinderen trekken de jas aan en gaan samen met de juf naar buiten. Als ze buiten komen zien ze niemand tot er een grote struik beweegt. De kinderen lopen er samen met de juf naartoe en daar horen ze iemand huilen. Niemand durft te gaan kijken, zelfs de juf niet. “Zullen we vragen wie er is”, fluistert de juf, “Wil jij dat doen Olivier?”. “Wie is daar?” vraagt Olivier. Er wordt geen antwoord gegeven. “Mag ik in de struik kijken wie er zit?” vraagt Olivier. De juf vind dat goed, want niemand komt de struik uit. Olivier loopt de struik in en roept heel hard:”De Paashaas zit te huilen”. Als Olivier samen met de Paashaas uit de struik komt schrikken de kinderen. Ze dachten dat Olivier een grapje had gemaakt maar het is echt een huilende Paashaas.

Samen met de juf en de Paashaas gaan ze naar binnen toe. De Paashaas gaat op een stoel zitten en de kinderen kruipen eromheen. “Wat is er aan de hand Paashaas. Waarom moet u nu huilen?”, vraagt de juf. De Paashaas kan niets vertellen, hij zit nog steeds te huilen. Als een meisje uit de klas een glaasje water geeft en hij een slokje heeft genomen gaat hij vertellen: ”Ik ben weg gestuurd door de grote Paashaas om eieren te gaan zoeken. Maar ik kan helemaal geen ei vinden. Als ik nu terug kom bij de grote Paashaas zonder ei mag ik niet mijn eigen ei gaan zoeken”. “Weet je meneer de Paashaas we hebben net een verhaaltje gelezen over een paashaas die geen ei heeft”, verteld Olivier. Meteen wil de Paashaas weten hoe die Paashaas aan eieren kwam, maar helaas zover waren ze niet gekomen in het boek. “Kunnen jullie mij niet helpen aan een ei?” vraagt de Paashaas. “Wij hebben gisteren allemaal van huis een ei meegenomen omdat we ook geen ei hadden”, vertel Dagmar. “Volgens mij heeft niemand een ei voor mij”, zegt huilend de Paashaas.
De juf vraagt aan de kinderen of de Paashaas alle eieren van de kinderen niet mag hebben. “Maar dan hebben wij geen ei”, zegt een jongen. “Nee das waar”, zegt de juf, “maar weet je nog van de brief van de paashaas. Dat is vast van een andere paashaas. Die vertelde dat we een mooi lokaal moesten hebben en eieren. Als we nu zeggen dat we de eieren aan de paashaas hebben gegeven dan zal hij dat vast wel lief vinden. Wie weet krijgen jullie de verrassing dan wel”. De kinderen vinden dat goed. De Paashaas droogt zijn tranen en pakt het mandje eieren en gaat op weg. Voor het ramen zwaaien de kinderen naar de Paashaas tot ze hem niet meer zien. Daarna gaat de juf verder met het verhaal vanuit het boek. Als het tijd wordt voor de kinderen om weer naar huis te gaan roept Olivier: ”Juf de andere Paashaas is helemaal niet geweest. Ons lokaal is mooi alleen hebben we geen eieren. Hoe kan dit nu?”. Ook de juf kan hier geen antwoord op geven, want ze weet het niet. Opeens gaat de deur van het lokaal open en wie staat daar…… de paashaas die de eieren van de kinderen had meegenomen. “Ik kom jullie de eieren terug brengen. Ik heb het verteld aan de grote paashaas en hij zei dat ik niet jullie eieren mee mag nemen. Het geeft nu niet dat wij geen ei hebben. Tevens heb ik voor jullie een verrassing”. De juf pakt het mandje van de Paashaas aan en zet het neer op tafel. De Paashaas heeft voor iedereen een paashaasje van chocolade meegenomen. “Die moest ik geven van onze grote paashaas. Ik hoop dat jullie het lekker vinden. Maar nu ga ik weer haasje paasje”, zegt de Paashaas. En hup weg is hij weer.

“Juf was dit soms de toch de Paashaas die onze verrassing kwam brengen?” vraagt Olivier. “Ik denk dat de Paashaas eerst moest kijken hoe lief jullie zijn. Jullie waren heel lief om je eigen ei weg te geven en daarom hebben jullie je eigen ei terug en de verrassing”, zegt de juf.

En net voor de school uit gaat kan iedereen zijn eigen geschilderde ei uit de mand pakken en in de andere hand de chocolade paashaas beet houden. Wat hebben ze allemaal veel te vertellen aan hun papa en mama….

© Radna 2003 voor speelzolder.com

Zoeken

advertentie